Glenn Edelenbos is WERELDKAMPIOEN

 In Nieuws | Elite - Beloften, Nieuws | Overig, Wedstrijdverslag

VANDELLÒS I L’HOSPITALET DE L’INFANT – Op vrijdag 20 september 2019 startte het wereldkampioenschap politiewielrennen in het Spaanse Vandellòs i l’Hospitalet de l’Infant. In drie dagen tijd vonden er wedstrijden plaats in verschillende onderdelen. Voor zowel de vrouwen- als de mannencategorie werd er gestreden om de felbegeerde wereldtitel in de individuele tijdrit, het klassieke wedstrijdonderdeel en in de mountainbikediscipline. OWC’er Glenn Edelenbos, werkzaam bij de Nationale Politie in de regio Hof van Twente en Haaksbergen, pakte daar de 1e plek in de individuele tijdrit! OWC sprak met Glenn…

Glenn, je bent de allerbeste politieman op een tijdritfiets, wereldkampioen! Wat gaat er door je heen?
“Eigenlijk ben ik alweer vooruit aan het kijken, volgend jaar wil ik graag Europees kampioen worden. Door dit soort resultaten krijg ik motivatie om harder te trainen en een stapje vooruit te maken.”

Hoe heb je je voorbereid op afgelopen vrijdag?
“Vorig jaar besloot ik Elite te worden. Het NK tijdrijden en de klassiekers waren het doel. Eigenlijk was het een dramatisch wegseizoen. Ik heb, letterlijk, geen enkele uitslag gereden. Ondanks dat heb ik, door een hele winter keihard trainen onder begeleiding van mijn trainer Guido Vroemen, den ik toch een stap gemaakt, vooral op de tijdritfiets. Helaas heb ik dit niet op de weg kunnen laten zien, dat vind ik wel jammer. Koersen is echt wat anders dan hard fietsen, ik merk dat ik die ervaring mis om echt mijn kracht uit te kunnen buiten in de koers. Echter gingen de tijdritten heel goed, met een 2e plek op het DK-tijdrijden tussen mannen als Remco Grasman en Robin Löwik. Ook pakte ik een 7e plek op het NK voor elite zonder contract en pakte ik ontelbaar veel podiums in clubtijdritjes. Tijdens de Ronde van Oldenzaal brak ik mijn sleutelbeen waardoor mijn focus naar de tijdrit in Spanje ging. Ik heb alle ‘blokjes groen gemaakt’ onder het afdak, daarmee bedoel ik op de rollerbank. Ik kon amper mijn arm in de beugels krijgen, maar dit ging heel snel beter. Na enkele weken zat ik al weer op mijn niveau waar ik dit seizoen op begon. Een week voor het WK reed ik een PR 20 minuten waarde. Dat gaf veel vertrouwen. Tijdrijden is wel echt een passie van me geworden. Ik vind misschien het trainen wel net zo leuk als het wedstrijd rijden. Het proces van beter worden vind ik boeiend, in alle facetten.”

Een goede tijdrit rijden geeft zo’n geweldig gevoel!

Een individuele tijdrit staat erom bekend als ‘moordend’, hoe ging dat bij jou?
“Een goede tijdrit rijden geeft zo’n geweldig gevoel. Gevoel dat je je ketting niet voelt, het geluid van de disc en dan die snelheid op je tellertje. Ik houd van hard fietsen. Moordend wil ik het niet noemen, dat zit in je hoofd. Je kunt altijd harder, de vraag is:”hoe graag wil je het?” De kunst met tijdrijden is het indelen, als je dat onder de knie hebt wordt tijdrijden leuk, dan doet eigenlijk alleen het laatste gedeelte pijn.”

Tijdens de tijdrit had je een coacht achter je, in een ploegleiderswagen, van OWC nota bene! Hoe verliep dat?
“We rijden bij de politie met een selectie. Een team van begeleiding en renners, allemaal politiecollega’s. Een bloedfanatieke groep van dames en heren. Ik had in overleg met OWC kunnen regelen dat we de Skoda-ploegleidersauto mee konden krijgen. Echt fantastisch! De auto reed dan ook achter me aan in de tijdrit. De ploegleider is een onvervalste Fries, ontzettend positieve gast die met zijn energie het beste in het team naar boven haalt. Hij zat achter het stuur. De mechanieker, geen onbekende uit de regio, Aart Leidekker, ook een politiecollega, zat er naast. Ook al is hij op een pensioen gerechtigde leeftijd, hij is een vriend van me. Deze twee begeleidden me in de tijdrit via een oortje. Ontzettend fijn aangezien het parcours op bepaalde momenten best technisch was. Naast parcoursinformatie kreeg ik tips om zo min mogelijk meters te maken. Ik dacht alleen maar aan de ‘wattagebazooka’. Mijn trainer had een plan gemaakt over welke vermogens ik moest rijden op de klimmen. Toen ik weg reed dacht ik bij mezelf: ”Jezus, ik voel mijn ketting niet eens.” Dit resulteerde dan ook in een iets te harde start waardoor ik me echt moest concentreren om het plan goed te blijven uitvoeren.”

En toen kwam je over de finish, wanneer had je door dat je de 1e plek gepakt had?
“Ik kwam aan stront over de finish, ik moest echt even uitblazen. 12 Kilometer is een korte tijdrit, je moet dan op een hele hoge intensiteit rijden. Dat is anders dan bij een langere tijdrit. Omdat er een ex-pro-continental achter me was gestart wist ik niet of ik gewonnen had. Ik hoorde wel dat ik ‘nummero uno’ van dat moment was. Uiteindelijk heb ik de concurrentie met 30 seconden verslagen en heb ik enkele Strava-KOM’s uit de boeken gereden. Volgens mij heb ik wel een behoorlijk niveau gehaald.”

Wat waren de reacties van de mensen uit je omgeving?
“Ik heb echt ontzettend veel reacties gehad, het is onwijs fijn om al die leuke berichten van iedereen te krijgen. Het voelt ook speciaal dat ik als politieagent, onder begeleiding en faciliteiten van mijn werkgever, dit niveau kan halen. Al die positiviteit geeft moraal om verder te gaan.”

Was er tijd voor een feestje of was het de knop op en door?
“Ach, er is altijd wel tijd voor een feestje (*knipoogt*). We hebben er met het team een glas wijn op gedronken en hebben de focus toen gezet op de dagen erna.”

Het leek tijdens de wegrit wel alsof ik een ‘bulls-eye’ op mijn reed had.

De tijdrit was niet het enige onderdeel waar je in actief was, hoe zag het verdere weekend er voor jou uit?
“De dag erna was de wegrit. We maakten daar, ook met de dames, kans op mooie uitslagen. Het leek tijdens de wegrit wel alsof ik een ‘bulls-eye’ op mijn reet had in plaats van een startnummer. Ik kon nog geen versnelling terugschakelen of er zat een hele kluit renners in mijn wiel. Uiteindelijk mistten we de kopgroep. In de finale wilde ik voor mijn ploeggenoten de sprint aan trekken. In de achtervolging naar de achtervolgende kopgroep reed ik achter een renner die recht op een gat in de weg af reed. Ik heb dat hele gat niet gezien en was kansloos toen ik hem raakte. Mijn stuur sloeg uit mijn handen en ik ging met zo’n 50 kilometer per uur tegen het asfalt. Ik wist gelijk dat ik door deze val ook de mountainbikewedstrijd van de dag erna zou missen. Mijn linkerbeen zat onder de schaafwonden en mijn knie had 4 hechtingen nodig om weer dicht te raken, dat hebben ze in de ambulance allemaal geregeld. Ontzettend zuur maar heel kenmerkend voor mijn wegseizoen.”

Een weekend met twee gezichten dus: blijdschap en teleurstelling?
“Eigenlijk is dat wel een goede samenvatting. Het is niet zozeer de wegwedstrijd die ik niet heb kunnen afmaken, maar ook de rest van het seizoen. Ik zou donderdag (26 september 2019 red.) het politie-NK op de weg rijden. Ook stond het NCK en het NK mountainbike nog op de planning. 2 Wedstrijden waar ik graag mijn nationale titel van vorig jaar had willen verdedigen. Tevens is het NCK voor mij toch elk jaar ‘het toetje van het seizoen’. Daarnaast is het lelijk dat ik er weer bij loop als een oude man. Ik heb naast het fietsen een uitdagende baan en lieve familie. Het is gewoon voor iedereen om me heen  een behoorlijke opoffering.”

Je bent nu thuis, bij je gezin, hoe kijk je terug?
“Thuis waren er vlaggetjes opgehangen en was er gebak. Ik heb de tijdrit op beeld dus die heb ik al met heel wat mensen teruggekeken. Ik ben nog niet op mijn werk geweest, ik zit nu in de lappenmand en kan dus geen politiewerk doen. Ik heb al een grote bos bloemen gekregen van mijn afdeling. Het wordt weer lachen op het werk, kan weer mooi opscheppen over hoe hard ik wel niet kan fietsen haha. Politiemensen kennende zal het wel gaan over mijn onkunde om op de fiets te blijven zitten maar dat is helemaal niet erg, daar kan ik dan zelf ook wel hartelijk om lachen.”

Stoppen? Ik ben geen prof!

Hoe nu verder? Stoppen op je hoogtepunt?
“Ik denk dat mijn hoogtepunt nog moet komen. Volgend jaar wil ik nog een stapje maken in de tijdrit met een betere klassering op het NK tijdrijden. Ook is er volgend jaar een EK in Zwitserland. Het niveau is daar een stukje hoger. Ik wil daar graag de tijdrit winnen en kijken wat ik in de wegkoers kan betekenen voor de ploeg. Over het wegseizoen moet ik me nog buigen. Ik vind dat mijn familie daar ook wat over te zeggen heeft.  Ik vind het leuk om onderdeel te zijn van een ploeg, het proces van ontwikkeling is uitdagend, zowel persoonlijk als in teamverband. En stoppen? Ik ben geen prof, profs stoppen. Ik ben een ambitieuze liefhebber, ik stop pas als ik er geen lol meer in heb of niet meer kan.”

Recent Posts