Schoenmaker hou je… bij je leest

 In Nieuws | Overig, Nieuws | Toerafdeling

Leon ten Voorde mag dan een gewaardeerd voetbaljournalist en -analist zijn, schrijven over wielrennen vraagt toch echt om andere kennis en een andere blik op de sport. Ik doel op zijn column in de Tubantia van zaterdag 11 juli, waarin hij de wielerploeg Visma–Lease a Bike genadeloos fileert. Dat mag natuurlijk; een columnist moet kunnen prikkelen. Maar een beetje nuance is daarbij wel op zijn plaats.

Punt 1: de overmacht van Pogacar

Het hele peloton gaat momenteel gebukt onder de suprematie van Tadej Pogacar. Dat is niet de schuld van Visma–Lease a Bike of van Jonas Vingegaard. Wielrennen kent nu eenmaal periodes waarin één renner met kop en schouders boven de rest uitsteekt. We hebben dat eerder gezien bij Eddy Merckx en later ook bij onder anderen Miguel Indurain. Dat Ten Voorde na zeven etappes al concludeert dat de Tour beslist is, is misschien een pijnlijke maar realistische constatering. Toch doet hij Jonas Vingegaard ernstig tekort door hem af te schilderen als een ‘saaie wieltjesplakker’. Een renner die tweemaal de Tour de France wint, daarnaast de Vuelta en de Giro op zijn naam schrijft en talloze etappes weet te winnen, bereik je dat niet door alleen maar in een wiel te hangen. Daar hoort simpelweg meer waardering voor te zijn.

Punt 2: het beleid van Visma

Ook het beleid van Visma–Lease a Bike wordt stevig bekritiseerd. Dat is Ten Voordes goed recht, maar ook hier ontbreekt de nuance. Een Tourploeg moet keuzes maken. Je kunt niet tegelijkertijd vol inzetten op een topsprinter én op een klassementsrenner. Zeker in het moderne wielrennen, waar succes wordt bepaald door de kleinste details. Visma beschikt met Vingegaard over een van de beste ronderenners ter wereld. Dan is het logisch dat de ploeg volledig kiest voor een klassementsambitie. Die strategie heeft de afgelopen jaren immers al meerdere grote overwinningen opgeleverd. Het werkelijke probleem heet Pogacar. Zodra hij besluit aan te vallen, weet de concurrentie vaak al dat er hooguit om de tweede plaats wordt gestreden. Dat is frustrerend voor zijn tegenstanders én soms ook voor de neutrale wielerliefhebber. Ik merk het zelf ook: als Pogacar weer eens zestig of tachtig kilometer solo naar de finish rijdt, verdwijnt de spanning uit de koers.

Punt 3: de vergelijking met het Nederlands elftal

Ten Voorde vergelijkt Visma–Lease a Bike met het uitgebluste Nederlands elftal. Die vergelijking gaat volledig mank. Juist qua inzet, discipline en mentaliteit kunnen veel voetballers nog iets leren van wielrenners. Waar een voetballer na een tikje tegen het scheenbeen soms minutenlang op de grond blijft liggen, springt een gevallen wielrenner zo snel mogelijk weer op de fiets om de aansluiting met het peloton te hervinden. Dat zegt veel over de mentaliteit binnen beide sporten.

Punt 4: geen Nederlanders in de Tourploeg

Dat Visma–Lease a Bike geen Nederlandse renner heeft geselecteerd voor de Tour vind ik persoonlijk ook jammer. Maar emotie is iets anders dan beleid. Visma is een internationale ploeg met internationale ambities. Dan selecteer je simpelweg de acht renners die samen de grootste kans op succes bieden. Helaas is Nederland momenteel dun bezaaid met echte klassementsrenners van wereldniveau. Dat is geen keuze van Visma, maar de realiteit van dit moment. Daarbij verdient Rabobank juist een compliment. De bank investeert volop in de wielersport, sponsort evenementen en ondersteunt de jeugd via onder meer de bekende Dikke Banden Races. Wie de jeugd heeft, heeft immers de toekomst. Op die manier wordt juist gewerkt aan een nieuwe generatie Nederlandse toprenners.

Tot slot

Als trouwe lezer van de Tubantia wil ik afsluiten met een kritische noot richting de sportredactie. Op 28 juni werd de Ronde van Oldenzaal verreden, een belangrijk regionaal wielerevenement. Opnieuw was de krant nergens te bekennen. Dat vind ik een gemiste kans. Een regionale krant heeft ook de taak om aandacht te besteden aan belangrijke sportevenementen in de eigen regio. Media-aandacht werkt stimulerend, zeker voor jonge sporters die misschien overwegen om zelf te gaan wielrennen. Ik hoop dan ook dat de Tubantia volgend jaar wél een verslaggever naar de Ronde van Oldenzaal stuurt. Want als er wel ruimte is voor uitgebreide verslaggeving van trekker-trekwedstrijden en ander regionaal vertier, dan moet er toch ook plaats zijn voor een van de mooiste wielerwedstrijden die Twente rijk is.

Misschien kan Leon ten Voorde zelf gaan kijken. Wie weet ontdekt hij dan dat wielrennen nét iets ingewikkelder is dan hij in zijn column doet voorkomen….

Theo Sleiderink

Recent Posts